vrijdag 3 september 2010

Zorg van ouderen

Ouderenzorg
De laatste jaren zet de dubbele vergrijzing (meer ouderen en meer oudere ouderen) stevig door. Hierdoor neemt de vraag naar zorg toe. Ook is de zorgvraag complexer geworden.
Tweederde van de zelfstandig wonende 55-plussers weet zich zonder hulp te redden. Een kwart van de 55-plussers ontvangt alleen hulp van mantelzorg, thuiszorg of een particuliere hulp. Ouderen met ernstige lichamelijke beperkingen en ouderen met een lage sociaal-economische status maken verhoudingsgewijs meer gebruik van thuiszorg. Informele zorg is de laatste tijd onder ouderen sterk in populariteit gedaald. Vooral hoogopgeleiden en mensen die thuiszorg ontvangen, geven de voorkeur aan professionele zorg boven informele zorg. Zeker als de zorg langdurig moet worden geboden of als het persoonlijke verzorging betreft, verschuift de voorkeur van ouderen in de richting van professionele zorg.
Gebruikers van thuiszorg hebben vaak een hoge leeftijd, zijn alleenstaand, hebben veel beperkingen en een laag inkomen. Hoewel het aantal cliënten met thuiszorg is toegenomen, is het gemiddelde aantal uren verzorging per cliënt in de afgelopen tien jaar met eenderde afgenomen.
Ongeveer 5% van de ouderen boven de 65 jaar woont in een verzorgingshuis, terwijl 2% in een verpleeghuis verblijft. Door de vermindering van het aantal plaatsen in verzorgings- en verpleeghuizen en de tendens dat ouderen langer zelfstandig blijven wonen, is de samenstelling van de bewoners in verzorgings- en verpleeghuizen veranderd. Het aandeel van de oudste ouderen neemt toe en de hulpbehoefte stijgt.
De kwaliteit van de ouderenzorg kan in veel opzichten verbeterd worden. Door geïntegreerde zorg, het optimaliseren van de gang van de patiënt door het zorgcircuit (zelfzorg, mantelzorg, thuiszorg, verpleeg- en verzorgingshuiszorg, ziekenhuiszorg), kan gezondheidswinst worden geboekt.

Al jaren is het beleid erop gericht de zorg naar de mensen te brengen in plaats van de mensen naar de zorg. De vermaatschappelijking van de zorg is de richting van het overheidsbeleid, maar in de praktijk blijkt dit niet gemakkelijk te verwezenlijken. Woon-zorgzones, kleinschalige settings en dienstenknooppunten vinden in experimentele settings plaats. De toepassing van ICT kan hierbij een belangrijke rol spelen: kleine gezondheidscentra in de wijk waar ook diagnostiek kan plaatsvinden, geriatrische en gerontologische deskundigheid in de wijk met aandacht voor preventie, medisch consult op afstand en ziekenboegen voor kortdurende opnames of spoedopnames.In de (gezondheids)zorg zijn een aantal dingen zichtbaar:
In eerste instantie is er een verminderd gebruik van gezondheidszorg en een grotere vraag naar voorzieningen. Experimenten zoals in Trynwâlden laten zien dat door gebruik te maken van welzijnsvoorzieningen en aanpassingen in de woning of woonomgeving het gebruik van de gezondheidszorg voorkomen of uitgesteld kan worden. Al deze voorzieningen zijn erop gericht om de zelfredzaamheid te ondersteunen, beperkingen te voorkomen of te compenseren.
De intensieve en langdurige zorgvormen worden zoveel als kan ontkoppeld van een bepaalde woonvorm en worden ingepast in het maatschappelijk leven.
Wanneer er wél een beroep wordt gedaan op de (intramurale) gezondheidszorg is dit vaak op hoge leeftijd, van korte duur, maar acuut noodzakelijk en met een hoge intensiteit.

Leeftijdsgerichte zorg
Steeds meer zorginstellingen kiezen voor een leefstijlgericht woon- en zorgconcept. Wensen van ouderen op het terrein van wonen en zorg kunnen sterk uiteenlopen. Een van de mogelijkheden om als zorgaanbieder aan specifieke vragen van groepen cliënten tegemoet te komen is door in het aanbod onderscheid naar leefstijl aan te brengen. Deze leefstijldifferentiatie biedt organisaties de mogelijkheid zorg op maat te bieden, maar ook om zich van andere aanbieders te onderscheiden.


Waardenoriëntaties van ouderen
Het onderzoeksbureau Motivaction doet onderzoek naar waardepatronen in de bevolking. Uit onderzoek blijkt dat ouderen uit de drie eerder genoemde generaties uiteenlopende waardenoriëntaties hebben.
De vooroorlogse generatie kan als volgt worden omschreven:
Sober
Traditioneel
Behoefte aan strenge wet- en regelgeving
Weinig tolerant
Gericht op immateriële waarden

De stille generatie wordt gekenmerkt door de volgende waarden:
Traditioneel
Lokaal georiënteerd
Angst voor individualisering
Behoefte aan strenge wet- en regelgeving
Gericht op immateriële waarden

De protestgeneratie kan als volgt worden gekarakteriseerd:
Autonoom
Onafhankelijk
Mondig
Kritisch
Niet hiërarchisch ingesteld

De doelgroep ouderen verandert

Als gevolg van de individualisering, het stijgende opleidingsniveau en andere maatschappelijke ontwikkelingen  veranderen de waardenoriëntaties van ouderen.  Senioren delen echter nog steeds een aantal overeenkomstige waarden. In vergelijking met andere leeftijdsgroepen zijn senioren over het algemeen maatschappelijk betrokken, milieubewust, gericht op gezondheid, huiselijk en weinig hedonistisch. Maar er zijn daarnaast ook verschillen tussen groepen ouderen.
Er zullen in de toekomst verschuivingen optreden in de waardenoriëntaties van ouderen. Er komen verhoudingsgewijs steeds minder ouderen die gerekend kunnen worden tot de traditionele burgerij, een categorie die zich richt op 'behouden en bezitten'. Er komen meer ouderen die horen tot de moderne burgerij (bezitten en verwennen). Ook de postmoderne categorie groeit, een groep ouderen voor wie zelfactualisatie belangrijk is.
Voor de toekomstige senioren zijn de volgende waarden van belang:
Zij willen zelf de regie kunnen houden: het leven in eigen hand
Zij zijn kritisch ten opzichte van woon- en zorgvoorzieningen
Ze zijn gewend te kiezen met wie zij willen omgaan
Goede buren worden belangrijker voor het sociale leven

Mantelzorg
De vergrijzing is van invloed op de vraag naar en op het aanbod aan mantelzorg. Met het stijgen van de leeftijd neemt de behoefte aan zorg toe. Anderzijds neemt bij een stijgende leeftijd de draagkracht om te kunnen zorgen af. De draagkracht neemt ook af door gezondheidsproblemen, als mensen alleenstaand zijn, een klein netwerk hebben, of een lager inkomen.
Mantelzorg kent vele uitingsvormen: een groot aantal verschillende taken, gedurende langere of kortere periode, van verschillende intensiteit, vervuld door en voor mensen in alle leeftijds- en sociaal economische categorieën. Hoewel men lang niet altijd bewust voor mantelzorg kiest, is het niet altijd belastend. Mantelzorg wordt op uiteenlopende manieren ervaren: als vanzelfsprekendheid, een morele plicht, een zware belasting of een mooie taak.
De steunpunten mantelzorg zijn een belangrijke bron van informatie en steun voor mantelzorgers, maar zij behartigen ook de belangen van mantelzorg(ers) in klankbord- of adviesgroepen, dikwijls samen met Regionale Patiënten Consumenten Platforms.
Veranderingen in sociale netwerken spelen een belangrijke rol in het aanbod van mantelzorg. Het aandeel eenpersoonshuishoudens neemt bijvoorbeeld toe, onder meer vanwege een toegenomen aantal echtscheidingen, en kinderen wonen minder in de buurt van hun ouders. De toename van het percentage ouderen in de bevolking blijkt echter gunstig te zijn voor het aanbod van mantelzorg. Dat komt vooral door de toename van het aantal jonge ouderen. Jongere mensen zijn minder mantelzorg gaan verlenen en oudere mensen meer. Mogelijk is het aandeel van de laatste groep mogelijk nog onderschat, omdat ouderen de zorg voor elkaar vanzelfsprekend vinden of hun partner niet als gehandicapt zien.
Hoewel het nog steeds vanzelfsprekend is om in eigen kring hulp te verlenen, betekent dat niet dat het altijd moeiteloos verloopt. Oudere mantelzorgers (boven 65 jaar) bieden vaak hulp aan hun partner of aan hun zeer oude ouders. Zij lopen in versterkte mate risico op overbelasting, omdat zij naarmate zij ouder worden meer beperkingen ondervinden. Bovendien zorgen zij vaker alleen, zonder steun van andere mantelzorgers. Zij zijn minder geneigd om formele hulp in te schakelen en voelen het voor elkaar zorgen als een plicht vanwege beloftes (huwelijk). Zij leveren meer intensieve zorg en kunnen er zich daar moeilijk aan onttrekken.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten